De Schooltijden
Maandag: |
8.30-14.15 |
|---|---|
Dinsdag: |
8.30-14.15 |
Woensdag: |
8.30-14.15 |
Donderdag: |
8.30-14.15 |
Vrijdag: |
8.30-14.15 |
Kanjertraining laat zien hoe je sociaal gedrag aanleert.
De zes kernbegrippen van de kanjertraining zijn:
• Iedereen is een kanjer
• Niemand speelt de baas
• Niemand doet zielig
• We lachen elkaar niet uit
• We helpen elkaar
• We vertrouwen elkaar
Bij de Kanjertraining horen de volgende vier dieren:
Aap, Pestvogel, Konijn, De Tijger (Kanjer), De Kanjertraining
geeft oefeningen om tijger te worden, om van
rood naar groen gedrag te komen.
Met behulp van de kanjerlessen leren kinderen om beter met anderen om te gaan en/of beter voor zichzelf op te komen. Het kan zijn dat een kind het in de groep of omgeving gewoon slecht getroffen heeft, maar vaak zijn kinderen sociaal onhandig. Dit kan zich op verschillende manieren uiten: ze lachen om alles, spelen de baas, zijn verlegen, stellen zich afhankelijk op of zijn juist agressief en doen alsof het hen allemaal niet raakt. Tijdens de lessen luisteren kinderen naar verhalen met fictieve personen/dieren waarin herkenbare gedrag wordt beschreven. Ze doen met elkaar spelletjes waarin ze leren elkaar te vertrouwen en te helpen. In het bijpassende werkboek maken de kinderen opdrachten. Ook wordt er geoefend hoe je jezelf kunt presenteren en interesse kunt tonen in anderen, hoe je aardige dingen kunt zeggen en voor jezelf op kunt komen. Maar ook hoe je ruzies kunt voorkomen en om kunt gaan met kritiek. Er worden ook fysieke oefeningen gedaan b.v. om anderen te leren vertrouwen.
In de kanjerlessen staan vier dierfiguren centraal, die ieder gekoppeld worden aan een kleur petje en bepaalde gedragskenmerken.

De pestvogel vindt zichzelf heel wat en wil altijd de baas spelen. Andere kinderen zijn in de ogen van de pestvogel allemaal sukkels die maar beter naar hem of haar kunnen luisteren. Bij dit gedrag hoort het zwarte petje.

Het aapje doet overal lacherig over en neemt niets of niemand serieus. Hij probeert de lachers op zijn hand te krijgen en vriendjes te worden met de pestvogel om zo niet zelf gepest te worden. Bij het gedrag van het aapje hoort het rode petje.

Het konijn is vaak bang en valt liefst zo min mogelijk op. Het komt slecht voor zichzelf op en wordt vaak gepest. Het konijn kruipt vaak weg in een hoekje. Bij het gedrag van het konijn hoort het gele petje.

De tijger doet normaal en gedraagt zich als een kanjer. Hij komt voor zichzelf op zonder anderen bang te maken. De tijger geeft zijn mening, komt uit voor zijn gevoel en neemt anderen en zichzelf serieus. Het gedrag van de tijger wordt gekoppeld aan het witje petje.
De oefeningen zijn op alle leeftijden afgestemd. In het cursusjaar 2011-2012 gaat het hele team van De Zonnewijzer de kanjertraining volgen en toepassen in de groepen. Voor meer informatie over de kanjertraining kunt u hier terecht.